ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ4344
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onrechtmatige daad en ongerechtvaardigde verrijking in relatiegeschil met bankpasgebruik
Eiser vorderde onder meer schadevergoeding en verklaringen voor recht wegens onrechtmatig handelen en ongerechtvaardigde verrijking door gedaagde, met wie hij een affectieve relatie had. Hij stelde dat gedaagde misbruik maakte van zijn afhankelijke geestestoestand en zijn bankpas gebruikte voor grote geldopnames. Tevens vorderde hij medewerking aan ontheffing uit hoofdelijke aansprakelijkheid en verkoop van een woning.
Gedaagde betwistte de beschuldigingen en stelde dat de relatie gelijkwaardig was, dat de bankpas met toestemming werd gebruikt en dat er geen sprake was van misbruik of onrechtmatige verrijking. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende bewijs leverde voor de gestelde abnormale geestestoestand en het misbruik daarvan door gedaagde. Ook was niet gebleken van ongerechtvaardigde verrijking of misbruik van omstandigheden.
Wel werd gedaagde veroordeeld om mee te werken aan de ontheffing van eiser uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de geldlening, hoewel verkoop van de woning niet werd toegewezen. De proceskosten werden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Vordering van eiser wordt afgewezen, gedaagde moet meewerken aan ontheffing uit geldleningsovereenkomst.