Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
2.De feiten
3.Het geschil
- hij een directiefunctie vervult en door de vertegenwoordigde werd aangeduid met “directeur”;
- hij binnen zijn directiefunctie is belast met operationele zaken;
- hij tijdens de zitting van 23 juni 2009 namens Roompot het proces-verbaal heeft ondertekend;
- hij namens Roompot alle besprekingen met de VvE heeft gevoerd;
- hij daarbij zo nu en dan werd vergezeld door [de heer B], (de algemeen directeur van Roompot) waarbij [de heer B] [de heer A] de vrije hand liet en nooit heeft aangegeven dat hij niet bevoegd was om Roompot te vertegenwoordigen en op dat punt nooit een voorbehoud heeft gemaakt;
- [de heer A] de opsteller is geweest van de kernpuntennotitie op basis waarvan de onderhandelingen tussen partijen hebben plaatsgevonden en op basis waarvan de overeenkomst is opgesteld;
- ook in die kernpuntennotitie waarop de overeenkomst is gebaseerd niet kenbaar is gemaakt dat hij niet bevoegd was om Roompot te vertegenwoordigen;
- [de heer A] tijdens de onderhandelingen tussen partijen tal van toezeggingen heeft gedaan zonder een voorbehoud te maken met betrekking tot zijn bevoegdheid;