Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De benadeelde partij
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder 1 primair en subsidiair, 2 en 3 tenlastegelegde feiten;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 6 augustus 2013 uitspraak gedaan in een zedenzaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van meermalen ontuchtige handelingen met minderjarigen. De zaak is inhoudelijk behandeld op zittingen in augustus 2012 en juli 2013. De officier van justitie vorderde vrijspraak voor een deel van de feiten en handhaafde bewezenverklaring voor andere feiten op basis van verklaringen van slachtoffers en getuigen.
De verdediging betoogde dat de verklaringen van de aangevers onbetrouwbaar zijn vanwege gebrekkige en sturende verhoormethoden, en verwees naar een deskundigenrapport van dr. Wolters dat deze onbetrouwbaarheid bevestigt. De rechtbank concludeerde dat de politie niet volgens de geldende aanwijzingen voor opsporing en vervolging inzake seksueel misbruik heeft gehandeld, met name door het ontbreken van auditieve registratie en het gebruik van sturende vragen.
Na grondige beoordeling achtte de rechtbank de verklaringen van de slachtoffers ongeloofwaardig en onbetrouwbaar, mede ondersteund door het deskundigenrapport. Ook de auditu-verklaringen van getuigen konden daarom niet als bewijs dienen. Verdachte ontkende de feiten en er was geen ander wettig bewijs. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. De vordering tot schadevergoeding van een benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs.