ECLI:NL:RBZWB:2013:11215

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
12 december 2013
Publicatiedatum
11 maart 2014
Zaaknummer
2116088 MB VERZ 13-236
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 61a Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gegrondverklaring beroep tegen boete voor vasthouden mobiele telefoon tijdens het rijden

Betrokkene werd beboet voor het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden, hetgeen volgens artikel 61a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 verboden is. Betrokkene ontkende de overtreding en voerde aan dat hij zijn telefoon niet vasthield, maar aan zijn oor krabde. Tevens overhandigde hij een specificatie van zijn telefoonrekening waaruit bleek dat er geen telefoongesprekken plaatsvonden op het moment van de vermeende overtreding.

Tijdens de staandehouding wilde betrokkene een verklaring afleggen, maar dit werd hem door de verbalisanten geweigerd. Daarnaast was er geen aanvullende proces-verbaal opgevraagd om het verweer nader te onderzoeken. In het zaakoverzicht werd gebruikgemaakt van gestandaardiseerde overwegingen, waaronder een verklaring dat betrokkene een Nokia vasthield, terwijl hij stelde niet in het bezit te zijn van een dergelijk toestel.

De kantonrechter oordeelde dat er onvoldoende grond was om aan te nemen dat betrokkene de overtreding had begaan. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en de bestreden beslissing van de officier van justitie vernietigd. De zekerheidstelling van € 226 werd aan betrokkene terugbetaald.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de boete voor vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden wordt vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Kanton
Bergen op Zoom
zaaknummer : 2116088 \ MB VERZ 13-236
CJIB-nummer: 5062542161550121
uitspraak: 12 december 2013
Op de in het openbaar gehouden zitting van 12 december 2013 is mr. W.E.M. Verjans, kantonrechter, bijgestaan door L.P.A. Gijsen-van der Linden als griffier, overgegaan tot de mondelinge behandeling van het beroep dat is ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie met bovengenoemd CJIB-nummer. Het beroepschrift is ingediend door:
naam: : [betrokkene 1]
adres :[adres]
--------------------
Betrokkene is ter zitting verschenen in persoon, samen met zijn direct leidinggevende
[betrokkene 2].
Namens de officier van justitie is verschenen mr. F.A. Slootweg, werkzaam bij het CVOM te Utrecht.
Van het verhandelde ter zitting is door de griffier aantekening gehouden, welke aantekeningen worden geacht deel uit te maken van dit proces-verbaal.
Betrokkene heeft beroep ingesteld en daartoe aangevoerd hetgeen in het beroepschrift - dat zich bij de stukken van het geding bevindt - is vermeld. Ter zitting heeft betrokkene medegedeeld de gronden van het beroep te handhaven.

1.De beoordeling

De kantonrechter heeft op grond van de navolgende overwegingen een beslissing genomen, welke beslissing is uitgesproken ter openbare terechtzitting.
Het beroep is ontvankelijk omdat het tijdig is ingesteld en er zekerheid is gesteld voor de betaling van de sanctie.
De officier van justitie heeft meegedeeld de beslissing waarvan beroep is ingesteld, alsmede de verwerping van de bezwaren van betrokkene, te handhaven.
Betrokkene ontkent de verweten gedraging. Hij voert aan dat hij aan zijn oor aan het krabben was. Zijn telefoon lag in het middenconsult van de bedrijfswagen waar hij in reed. Betrokkene heeft een specificatie van zijn telefoonrekening overgelegd waaruit blijkt dat er geen telefoongesprekken hebben plaatsgevonden ten tijde van de verweten gedraging. Tijdens de staandehouding wilde betrokkene een verklaring afleggen, maar betrokkene mocht geen verweer voeren van de verbalisanten. Ook heeft betrokkene geen aankondiging van beschikking uitgereikt gekregen. In het zaakoverzicht staat als verklaring van de verbalisant opgenomen dat betrokkene een Nokia vasthield, maar betrokkene stelt niet in het bezit te zijn van een Nokia.
Dat betrokkene een specificatie van de telefoonrekening heeft overgelegd doet niet ter zake. Immers, ingevolge artikel 61 a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 is tijdens het rijden het enkel vasthouden van een mobiele telefoon al verboden.
Echter, gelet op de door betrokkene aangevoerde omstandigheden en het feit dat geen aanvullend proces-verbaal is opgevraagd om het verweer van betrokkene nader te onderzoeken, maar enkel van gestandaardiseerde overwegingen gebruik is gemaakt in het zaakoverzicht, bestaat er naar het oordeel van de kantonrechter onvoldoende grond er van uit te gaan dat betrokkene de verweten gedraging heeft verricht. Dit betekent dat het beroep gegrond dient te worden verklaard en de bestreden beslissing dient te worden vernietigd.
De gestelde zekerheid dient aan betrokkene te worden terugbetaald als hierna bepaald.

2.De beslissing

De kantonrechter:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie;
- draagt de officier van justitie op het bedrag van de zekerheidstelling ter hoogte van € 226,= aan betrokkene terug te betalen.
Waarvan proces-verbaal,
De griffier, De kantonrechter,
Bent u het met de beslissing op uw beroep niet eens, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Leeuwarden, doch alleen indien:
a. de bij deze beslissing opgelegde administratieve sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of
b. het beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat de zekerheid niet (tijdig) is gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, team kanton, locatie Bergen op Zoom, (118 4600 AC Bergen op Zoom) en dient door degene die bij het team kanton beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum toezending beslissing: