ECLI:NL:RBZUT:2012:BV2123
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D.J. Buijs
- Rechtspraak.nl
Arbeidsrelatie en loondoorbetaling bij alphahulp in raamovereenkomst Wmo
Eiseres was werkzaam als alphahulp en verzorgde cliënten in het kader van een raamovereenkomst voor hulp bij huishouding onder de Wet maatschappelijke ondersteuning. Zij was van 18 december 2008 tot 30 januari 2009 arbeidsongeschikt wegens een gebroken pols. Eiseres stelde primair dat zij in dienst was van gedaagde, die dit betwistte en stelde dat de arbeidsovereenkomsten rechtstreeks tussen eiseres en cliënten bestonden, waarbij gedaagde slechts als kassier fungeerde.
De kantonrechter concludeerde dat de arbeidsovereenkomsten inderdaad tussen eiseres en de cliënten waren gesloten en dat gedaagde slechts de betaling faciliteerde. De driepartijenovereenkomst bevestigde deze rol van gedaagde. Het rechtsvermoeden van werkgeverschap volgens art. 7:610a BW was niet van toepassing omdat de werkzaamheden op basis van overeenkomsten met cliënten werden verricht.
De primaire vordering tot loonbetaling door gedaagde werd daarom afgewezen. De subsidiaire vordering, gebaseerd op art. 7:629 lid 2 BW Pro, hield in dat gedaagde het loon over de eerste zes weken ziekte aan eiseres moest betalen, omdat zij dit bij de gemeente had kunnen claimen maar niet had gedaan. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van €1.633,60 bruto met 50% wettelijke verhoging en wettelijke rente vanaf 1 februari 2008.
Er werd geen incassokosten toegewezen omdat gedaagde de vordering betwistte. De proceskosten werden door partijen zelf gedragen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde is niet werkgever maar moet loon over eerste zes weken ziekte betalen met wettelijke verhoging en rente.