ECLI:NL:RBZUT:2012:BV2120
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kleinrensink
- De Jong
- Kropman
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij medeplegen hennepteelt
De rechtbank Zutphen heeft op 27 januari 2012 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen de veroordeelde, die schuldig is bevonden aan medeplegen van het telen van hennep en het wederrechtelijk toeeigenen van elektriciteit. De feiten betreffen de periode van 1 april 2009 tot 8 juli 2009 in de gemeente Lochem.
De veroordeelde heeft verklaard €25.000 contant te hebben ontvangen voor het ter beschikking stellen van zijn bedrijfspand voor de hennepteelt. De rechtbank acht dit bedrag als het wederrechtelijk verkregen voordeel dat ontnomen moet worden. De vordering van het Openbaar Ministerie werd tijdens de zitting aangepast van €252.980 naar €16.781, gebaseerd op de oogst en kosten, maar de rechtbank stelt het voordeel vast op €25.000.
De raadsman voerde een draagkrachtverweer aan en stelde dat de veroordeelde geen voordeel had omdat hij al was veroordeeld tot terugbetaling van gestolen elektriciteit in een civiele procedure. Dit verweer werd verworpen omdat niet aannemelijk was dat de veroordeelde nu en in de toekomst geen draagkracht heeft, mede gezien zijn inkomen als zelfstandige.
Op grond van artikel 36e Sr legt de rechtbank de verplichting op aan de veroordeelde tot betaling van €25.000 aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €25.000 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.