ECLI:NL:RBZUT:2011:BQ3332
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Letselschadezaak na kop-staartbotsing met discussie over schadebeperkingsplicht en verlies van verdienvermogen
Op 15 juli 2000 raakte de gedaagde betrokken bij een kop-staartbotsing veroorzaakt door een verzekerde van ASR. ASR erkende aansprakelijkheid, maar partijen waren het oneens over de omvang van de door het ongeval veroorzaakte schade. De gedaagde leed een postwhiplashsyndroom graad III met discoligamentair letsel op niveau C4-C5, vastgesteld door neuroloog Beijersbergen en neuropsycholoog Bruins.
De gedaagde was sinds het ongeval arbeidsongeschikt verklaard en had deels administratief werk verricht, maar weigerde een aangepast arbeidscontract aan te nemen vanwege onduidelijkheid over de schadebeperkingsplicht. ASR stelde dat de gedaagde haar schadebeperkingsplicht had geschonden door het aanbod van aangepast werk niet te accepteren en onvoldoende re-integratie-inspanningen te verrichten.
De rechtbank oordeelde dat ASR aansprakelijk is voor de schade, maar dat de gedaagde deels zelf verantwoordelijk is voor het niet volledig benutten van haar resterende verdiencapaciteit. Op grond van artikel 6:101 BW Pro werd de schadebeperking verdeeld in een derde voor de gedaagde en twee derden voor ASR. Daarnaast werd vastgesteld dat de gedaagde recht heeft op smartengeld en vergoeding van materiële schade, terwijl de discussie over verlies van verdienvermogen na 2012 werd aangehouden voor nadere vaststelling.
De rechtbank benadrukte het belang van tijdige en duidelijke communicatie door ASR over het aangepaste arbeidscontract en stelde dat het niet tijdig informeren van de gedaagde door ASR mede heeft bijgedragen aan de moeizame schaderegeling. Tevens werd overwogen dat de gedaagde onvoldoende psychotherapeutische hulp heeft gezocht, wat haar re-integratie negatief beïnvloedde. De zaak wordt voortgezet met nadere uitwisseling van stukken over de schadevergoeding.
Uitkomst: ASR erkent aansprakelijkheid, maar schadevergoeding wordt deels beperkt wegens schending schadebeperkingsplicht door gedaagde; smartengeld en materiële schade toegewezen, verdere schade vaststelling aangehouden.