ECLI:NL:RBZUT:2011:BP7021
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Borgerhoff Mulder
- Van der Hooft
- Gilhuis
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging zware mishandeling, wederrechtelijke vrijheidsberoving en diefstal na inbraakzaak
Op 22 juni 2010 werd verdachte samen met mededaders betrokken bij een incident waarbij zij een persoon, die verdacht werd van een inbraak bij de ouders van verdachte, mishandelden, hem tegen zijn wil in een auto meenamen en diens auto wegnamen. Het slachtoffer werd herhaaldelijk geslagen en geschopt, zowel buiten als in de auto, en bedreigd met doodslag.
De rechtbank achtte poging tot zware mishandeling, wederrechtelijke vrijheidsberoving en diefstal door twee of meer verenigde personen wettig en overtuigend bewezen. De verdediging voerde aan dat het niet bewezen kon worden dat het slachtoffer tegen zijn wil in de auto werd geplaatst of werd verhinderd deze te verlaten, en dat het geweld niet direct verband hield met de diefstal van de auto. Deze verweren werden door de rechtbank verworpen.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 18 maanden op, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Er werd geen schadevergoeding opgelegd omdat het slachtoffer zich niet had gevoegd in de strafzaak tegen verdachte. De rechtbank benadrukte de ernst van het feit en het emotionele handelen van verdachte, maar matigde de straf ten opzichte van de eis van het Openbaar Ministerie.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, voor poging tot zware mishandeling, wederrechtelijke vrijheidsberoving en diefstal.