ECLI:NL:RBZUT:2011:BP5339
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Borgerhoff Mulder
- Kleinrensink
- Troost
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepkwekerij
De rechtbank Zutphen heeft bij vonnis van 22 februari 2011 beslist over de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van veroordeelde, die eerder is veroordeeld voor betrokkenheid bij een hennepkwekerij. De ontnemingsvordering van het Openbaar Ministerie werd verminderd van €43.527,- naar €6.075,-, gebaseerd op de uren en het uurloon dat veroordeelde heeft verklaard te hebben verdiend.
Tijdens de terechtzitting werd het draagkrachtverweer van de verdediging besproken, waarbij werd aangevoerd dat veroordeelde momenteel geen inkomsten heeft en dit ook in de toekomst niet verwacht wordt. De rechtbank verwierp dit verweer omdat niet aannemelijk is gemaakt dat veroordeelde ook in de toekomst geen inkomsten kan genereren.
De rechtbank stelde vast dat veroordeelde gedurende achttien weken gemiddeld 4,5 dag per week, vijf uur per dag werkte tegen een uurloon van €15,-, wat resulteert in een wederrechtelijk voordeel van €6.075,-. Er zijn geen kosten in mindering gebracht. Veroordeelde is verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht €6.075,- aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.