ECLI:NL:RBZUT:2010:BO6566
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aannemer niet aansprakelijk voor niet verkrijgen aanlegvergunning inrit tuinhuis
In deze zaak staat centraal of de aannemer fouten heeft gemaakt bij het aanvragen van vergunningen voor een tuinhuis met kelder, waardoor de gemeente de aanlegvergunning voor een inrit heeft geweigerd. De aannemer had de tekeningen en vergunningaanvragen verzorgd, waarbij de kelder aanvankelijk niet als garage was bedoeld en de vergunningen conform de ingediende plannen werden verleend.
De opdrachtgever stelde dat de aannemer tekortgeschoten was door niet te waarschuwen voor de noodzaak van een aanlegvergunning voor de inrit, noodzakelijk voor het gebruik van de kelder als garage. De aannemer voerde aan dat het gebruik als garage pas later is ontstaan en dat de vergunningaanvragen correct waren volgens de toen geldende plannen.
De rechtbank oordeelde dat de aannemer niet aansprakelijk is omdat de plannen en vergunningen geen garagegebruik voorzagen en de opdrachtgever akkoord is gegaan met de tekeningen. Het niet verkrijgen van de aanlegvergunning voor de inrit is voor risico van de opdrachtgever. De vordering van de aannemer tot betaling van openstaande facturen wordt toegewezen, terwijl de reconventionele vorderingen van de opdrachtgever worden afgewezen.
De opdrachtgever wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door mr. J.A.M. Strens-Meulemeester en op 8 december 2010 uitgesproken.
Uitkomst: De aannemer wordt betaald voor haar facturen en de vorderingen van de opdrachtgever worden afgewezen wegens gebrek aan tekortkoming.