ECLI:NL:RBZUT:2010:BM4271
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Gilhuis
- Krijger
- Feraaune
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs groepsverkrachting en poging verkrachting
Vier mannen werden verdacht van groepsverkrachting van een 18-jarige vrouw tijdens een feest in Hattem, en twee anderen van het dronken voeren van een vrouw in Raalte gevolgd door seks. De rechtbank Zutphen behandelde de zaak op terechtzittingen in januari en april 2010.
De tenlastelegging betrof groepsverkrachting en poging tot verkrachting waarbij de vrouw gedwongen zou zijn tot seksuele handelingen onder bedreiging en geweld in een woning in Hattem. De officier van justitie vorderde vrijspraak voor het medeplegen van verkrachting wegens onvoldoende bewijs, maar achtte de poging tot verkrachting wettig en overtuigend bewezen.
De verdediging voerde aan dat geen bewijs was voor groepsverkrachting op zolder en dat de verklaringen van het slachtoffer en getuigen tegenstrijdig waren, waardoor vrijspraak moest volgen. De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van verdachte, medeverdachten, slachtoffer en getuigen onderling tegenstrijdig zijn en onvoldoende overtuigend bewijs ontbreekt om de tenlastegelegde feiten bewezen te verklaren.
Daarom sprak de rechtbank de verdachten vrij van zowel groepsverkrachting als poging tot verkrachting. De vordering tot schadevergoeding van €2.500,- werd niet-ontvankelijk verklaard omdat geen bewezen feit aan de benadeelde kon worden toegerekend. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachten worden vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van groepsverkrachting en poging tot verkrachting.