ECLI:NL:RBZUT:2009:BJ5333
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Roessingh-Bakels
- Prisse
- Feraaune
- Rechtspraak.nl
Ontnemingsbeslissing wederrechtelijk verkregen voordeel uit drugshandel
De rechtbank Zutphen heeft op 14 augustus 2009 uitspraak gedaan in een zaak betreffende een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel op grond van artikel 36e Wetboek van Strafrecht. De zaak betrof een veroordeelde die was veroordeeld voor handel in cocaïne.
De officier van justitie had aanvankelijk een vordering tot ontneming van €125.972,-- ingediend, maar deze was gematigd tot €10.880,-- op basis van een tussen partijen bereikte schikking. De rechtbank hanteerde als uitgangspunt de verklaring van de veroordeelde dat hij ongeveer 50 gram cocaïne per week verkocht tegen €15 per gram, en schatte het voordeel over de bewezenverklaarde periode van 1 juli 2007 tot en met 13 januari 2009 op €29.725,--.
Gezien de overeenstemming tussen het openbaar ministerie en de veroordeelde werd de betalingsverplichting gematigd tot €10.880,--. De rechtbank achtte voldoende aannemelijk dat de veroordeelde wederrechtelijk voordeel had behaald met de drugshandel en legde de ontnemingsmaatregel op. De behandeling vond plaats in aanwezigheid van de rechters Roessingh-Bakels, Prisse en Feraaune.
Uitkomst: De veroordeelde moet €10.880 betalen aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.