ECLI:NL:RBZUT:2009:BJ1815
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid ex-vriend voor ernstige mishandeling en schadevergoeding minderjarige
De rechtbank Zutphen behandelde een civiele zaak waarin Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland als bijzonder curator en de moeder namens een ernstig mishandeld jongetje materiële en immateriële schade vorderden van de ex-vriend van de moeder. Het jongetje was tussen april en augustus 2003 meermalen mishandeld, met een poging tot doodslag op 5 augustus 2003, waarbij hij ernstig hersenletsel opliep en langdurig moest revalideren.
De rechtbank stelde vast dat het strafvonnis van 26 juli 2004 tegen de ex-vriend onherroepelijk was en dat de bewezen verklaarde feiten dwingende bewijskracht hadden. De ex-vriend werd aansprakelijk gehouden voor alle schade die het jongetje had geleden en nog zou lijden. De moeder werd in een vrijwaringsprocedure deels aansprakelijk gesteld wegens het niet tijdig ingrijpen en het binnen bereik houden van het jongetje bij de ex-vriend.
De rechtbank kende een voorschot van € 25.000 toe voor immateriële schade aan het jongetje, te storten op een door Jeugdzorg te beheren rekening. De moeder werd veroordeeld tot betaling van € 5.000 aan de ex-vriend als voorschot op immateriële schade, na betaling door de ex-vriend. De vorderingen van de moeder voor eigen schade werden afgewezen. De proceskosten werden grotendeels aan de ex-vriend opgelegd, met een compensatie in de vrijwaringszaak.
De rechtbank verwierp het beroep op matiging van de schadevergoeding ondanks de verminderde toerekeningsvatbaarheid van de ex-vriend, gelet op de ernst van de feiten. De medische rapportages toonden blijvende beperkingen en een ontwikkelingsachterstand bij het jongetje, die deels nog kunnen verbeteren door revalidatie. De interne verdeling van de schade tussen ex-vriend en moeder werd vastgesteld op 80% respectievelijk 20%, gezien de actieve mishandeling door de ex-vriend en de passieve houding van de moeder.
Uitkomst: Ex-vriend veroordeeld tot betaling voorschot immateriële schade van €25.000 aan minderjarige; moeder deels aansprakelijk en veroordeeld tot betaling voorschot van €5.000 aan ex-vriend.