ECLI:NL:RBZUT:2009:BJ1776
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Wetering
- Brouns
- Draisma
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na oplichting en diefstal
De rechtbank Zutphen heeft op 7 juli 2009 uitspraak gedaan in een zaak waarbij de veroordeelde werd veroordeeld voor meerdere feiten van oplichting en diefstal, gepleegd tussen 2004 en 2007. De feiten betroffen onder meer oplichting van haar oma, een vriendin van haar moeder en een derde persoon, waarbij aanzienlijke bedragen zijn verkregen.
De rechtbank heeft het wederrechtelijk verkregen voordeel berekend op basis van de bewezenverklaarde feiten en de reeds toegewezen schadevergoedingen aan benadeelden. Hierbij werd een bedrag van €80.000 in mindering gebracht omdat dit bedrag reeds aan een benadeelde was toegewezen. Ook een schadevergoeding van €25.000 aan een andere benadeelde werd in mindering gebracht.
Na verrekening stelde de rechtbank het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €43.180. De veroordeelde is verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen. Indien betaling uitblijft en verhaal op het vermogen niet mogelijk is, kan de rechter verlof verlenen tot tenuitvoerlegging van lijfsdwang tot maximaal drie jaar.
De beslissing is genomen na een openbare terechtzitting waarbij de officier van justitie, veroordeelde en diens raadsman zijn gehoord. De rechtbank baseerde haar oordeel op de bewezenverklaarde feiten en de inhoud van de bewijsmiddelen.
Uitkomst: Het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt vastgesteld op €43.180 en veroordeelde is verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen.