ECLI:NL:RBZUT:2009:BI2504
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging uithuisplaatsing minderjarige wegens noodzakelijke medicatie en zorg
De minderjarige is sinds zijn derde jaar vrijwillig uit huis geplaatst vanwege ernstige gedrags- en psychiatrische problemen, waaronder ADHD en Gilles de la Tourette. Ondanks eerdere ondertoezichtstelling is de uithuisplaatsing zonder rechterlijke machtiging voortgezet. De moeder, die het ouderlijk gezag heeft, is niet in staat om de kosten van noodzakelijke medicatie te financieren, wat essentieel is voor het behoud van de huidige woonplek van de minderjarige.
De stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland verzoekt de rechtbank om een machtiging tot uithuisplaatsing op grond van artikel 1:261 BW Pro, omdat de moeder geen proactieve rol speelt en de gezinsvoogd het initiatief en de begeleiding van de plaatsing op zich neemt. De moeder is niet verschenen bij de zitting en toont weerstand tegen het verzoek, terwijl de minderjarige geen verweer voert.
De rechtbank oordeelt dat de uitzondering van artikel 1:258 lid 3 BW Pro niet van toepassing is, omdat de ouder niet zonder bezwaar de plaatsing heeft uitgevoerd. De machtiging wordt daarom verleend om de uithuisplaatsing te formaliseren, zodat Bureau Jeugdzorg kan voorzien in de noodzakelijke medicatie en de continuïteit van de zorg kan waarborgen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en geldt tot het einde van de ondertoezichtstelling op 21 november 2009.
Uitkomst: Machtiging tot uithuisplaatsing verleend tot einde ondertoezichtstelling voor adequate medicatie en zorg.