ECLI:NL:RBZUT:2009:BI2490
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Kinderrechter onbevoegd bij bezwaar tegen weigering SGJ op bezwaarschriften
Eisers, ouders van drie dochters onder toezicht van de Stichting Gereformeerde Jeugdbescherming (SGJ), maakten bezwaar tegen een brief van de SGJ waarin werd geweigerd een besluit te nemen op hun bezwaarschriften. De SGJ verwees naar het ontbreken van een bezwaarcommissie en stuurde de bezwaarschriften retour. De ouders gingen in beroep bij de kinderrechter, die zich onbevoegd verklaarde en verwees naar de wetgever en kamerstukken.
De rechtbank Zutphen bevestigde deze onbevoegdheid en overwoog dat de Wet op de Jeugdzorg en de Wet bescherming persoonsgegevens bepalen dat geschillen over dergelijke beslissingen door de civiele rechter behandeld moeten worden. Artikel 105 Wet Pro op de Jeugdzorg sluit bezwaar en beroep bij de kinderrechter uit voor beslissingen van bureaus jeugdzorg met betrekking tot persoonsgegevens.
De rechtbank oordeelde dat ook het niet-tijdig nemen van een besluit of de schriftelijke weigering om te beslissen als een besluit geldt, maar dat beroep daartegen eveneens is uitgesloten bij de kinderrechter. De kinderrechter is daarom onbevoegd en alleen de civiele rechter is bevoegd. De rechtbank verklaarde zich dan ook onbevoegd om kennis te nemen van het beroep tegen de weigering van de SGJ.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de kinderrechter onbevoegd om kennis te nemen van het beroep tegen de weigering van de SGJ een besluit te nemen op bezwaarschriften.