ECLI:NL:RBZUT:2009:BI2381
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring kinderrechter inzake bezwaar tegen besluit gezinsvoogdij
Eisers, ouders van twee minderjarige dochters onder toezicht gesteld van de Stichting Bureaus Jeugdzorg Gelderland (uitgevoerd door de SGJ), dienden bezwaar in tegen een brief van de SGJ waarin werd aangegeven geen besluit te nemen op hun bezwaarschriften. De SGJ verwees naar het ontbreken van een bezwaarcommissie en stuurde de bezwaarschriften retour.
De ouders gingen in beroep bij de kinderrechter, die zich echter onbevoegd verklaarde. De rechtbank baseerde dit op de Wet op de Jeugdzorg en de Algemene wet bestuursrecht (Awb), waarin bezwaar en beroep tegen besluiten die strekken tot zorg in het kader van gezinsvoogdij zijn uitgesloten. Dit is vastgelegd in de negatieve lijst van artikel 8:5 Awb Pro, onderdeel H sub 3.
De rechtbank oordeelde dat de brief van 14 maart 2006 geen besluit in de zin van de Awb is, maar een mededeling over het hulpverleningstraject. Tevens werd overwogen dat de schriftelijke weigering van de SGJ om op bezwaar te beslissen gelijkgesteld wordt met een besluit, maar ook hiertegen is beroep uitgesloten. De kinderrechter benadrukte dat de bevoegdheid tot beroep slechts geldt voor indicatiebesluiten voor vrijwillige jeugdzorg, wat hier niet aan de orde is.
De rechtbank verklaarde zich daarom onbevoegd om kennis te nemen van het beroep tegen de weigering van de SGJ om een besluit te nemen op het bezwaar van de ouders.
Uitkomst: De kinderrechter verklaart zich onbevoegd om beroep te behandelen tegen de weigering van de SGJ om een besluit te nemen op bezwaarschriften van ouders.