ECLI:NL:RBZUT:2009:BI0334
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.M.A.G. van Valderen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing conservatoir beslag in koopovereenkomst faillissementsboedel
Bij vonnis van 5 maart 2008 is [naam] Beheer B.V. failliet verklaard en is een curator benoemd. De curator sloot met HOE een koopovereenkomst voor onroerende zaken, die op 26-27 mei 2008 door brand werden verwoest. HOE had de zaken verzekerd, maar de verzekeraar stelde betaling uit zolang het conservatoir beslag niet werd opgeheven.
HOE vorderde in een incident de opheffing van het conservatoir beslag dat de curator had laten leggen ter verzekering van zijn vordering. HOE stelde onder meer dat het risico van de onroerende zaken niet op haar was overgegaan, dat zij haar betalingsverplichtingen mocht opschorten vanwege de brand en dat sprake was van dwaling en onvoorziene omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat het risico op HOE was overgegaan conform de koopovereenkomst en dat de curator zich op overmacht kon beroepen. Het beroep op dwaling en onvoorziene omstandigheden faalde omdat HOE voldoende tijd had gehad om de overeenkomst te beoordelen en zich tegen het risico had verzekerd. Ook het beroep op redelijkheid en billijkheid faalde.
De rechtbank concludeerde dat HOE aan de koopovereenkomst gebonden is en dat onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat de vordering van de curator ondeugdelijk is. De belangenafweging wees uit dat het belang van de curator bij handhaving van het beslag zwaarder weegt dan het belang van HOE. Het verzoek tot opheffing van het beslag werd afgewezen en HOE werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van het conservatoir beslag wordt afgewezen en HOE wordt veroordeeld in de proceskosten.