ECLI:NL:RBZUT:2009:BH8905
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kleinrensink
- Van der Hooft
- Gilhuis
- Rechtspraak.nl
Nietigheid dagvaarding wegens onjuiste betekening aan gedetineerde verdachte in buitenland
De rechtbank Zutphen behandelde de zaak van een verdachte die op het adres in het GBA werd opgeroepen, terwijl hij zich daadwerkelijk in voorlopige hechtenis in Duitsland bevond. Het openbaar ministerie had nagelaten de feitelijke verblijfplaats van de verdachte te achterhalen om de oproeping correct te betekenen.
Tijdens de terechtzittingen van 4 en 16 december 2008 en 26 februari 2009 bleek dat de oproeping op 13 februari 2009 ter griffie was uitgereikt en een afschrift naar het GBA-adres was verzonden, maar niet naar de verblijfplaats in Duitsland. Hierdoor was de oproeping nietig.
De rechtbank oordeelde dat de dagvaarding nietig verklaard moest worden vanwege de onjuiste betekening, wat betekent dat de procedure niet rechtsgeldig kon worden voortgezet. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Zutphen op 26 februari 2009.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de oproeping nietig wegens onjuiste betekening aan een verdachte die in voorlopige hechtenis in Duitsland verblijft.