ECLI:NL:RBZUT:2008:BG8510

Rechtbank Zutphen

Datum uitspraak
22 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06-925586-07
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • Brouns
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 EG-verordening nr. 1/2005Art. 9 Regeling dierenvervoer 2007
Verwijzingen
5 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak varkenshouders en transporteur wegens onvoldoende bewijs van onnodig lijden varken tijdens transport

Het Openbaar Ministerie beschuldigde twee Gelderse varkenshouders en een varkenstransporteur ervan een varken zodanig te hebben vervoerd dat het waarschijnlijk letsel of onnodig lijden zou hebben opgelopen. De zaak draaide om de vraag of het varken, dat een dikke linker bovenpoot had en mogelijk op drie poten liep, ongeschikt was voor transport en daardoor onnodig leed.

Tijdens de procedure vond op 22 september 2008 een schouw plaats waarbij het gehele transportproces van het inladen tot het uitladen bij de slachterij werd geobserveerd om een beter beeld te krijgen van de omstandigheden. De verdachten voerden aan dat het varken slechts last had van een vergroeide schouder en dat het dier bij de slacht volledig was goedgekeurd, wat zou betekenen dat er niets ernstigs aan mankeerde.

De economische politierechter oordeelde dat de beschikbare bewijsmiddelen niet toereikend waren om het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen te verklaren. Op grond hiervan sprak hij de verdachten vrij. Het vonnis werd uitgesproken op 22 december 2008 na behandeling van de zaak op meerdere zittingen.

Uitkomst: Verdachten zijn vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat het varken onnodig lijden heeft ondervonden tijdens transport.

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN
Sector Straf
Economische politierechter
Parketnummers: 06/925586-07
Uitspraak d.d. 22 december 2008
Tegenspraak / ip
VONNIS
in de zaak tegen:
[verdachte B],
gevestigd te [adres] Beemte, [adres].
Het onderzoek ter terechtzitting
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van
21 juli 2008, 22 september 2008 en 8 december 2008.
De tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 4 juni 2007 in de gemeente Apeldoorn, althans in
Nederland, al dan niet opzettelijk, heeft gehandeld in strijd met artikel 3
van de EG- verordening nr. 1/2005, immers heeft verdachte een varken laten
vervoeren op een zodanige wijze dat het dat varken daardoor waarschijnlijk
letsel of onnodig lijden berokkende, bedoeld varken was niet geschikt voor het
voorgenomen transport, aangezien het varken een dikke linker bovenpoot had
en/of liep op drie poten;
art 9 Regeling Pro dierenvervoer 2007
De standpunten van partijen
A. Het standpunt van het openbaar ministerie
De officier van justitie heeft aangevoerd dat het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen kan worden op basis van het onderhavige strafdossier.
B. Het standpunt van de verdachte
Door verdachte is aangevoerd dat het desbetreffende varken enkel last had van een vergroeide schouder. Tevens is aangevoerd, dat nu het dier bij de slacht volledig is goedgekeurd, er niets aan het dier mankeerde.
C. Beoordeling van de tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat zij een varken heeft laten vervoeren op “een zodanige wijze dat zij dat varken daardoor waarschijnlijk letsel of onnodig lijden berokkende”. De inhoud van de in deze zaak voorhanden bewijsmiddelen is niet toereikend om dit ten laste gelegde bewezen te verklaren. Verdachte dient derhalve vrijgesproken te worden.
Beslissing
De economische politierechter:
- spreekt verdachte vrij van het haar ten laste gelegde.
Aldus gewezen door mr. Brouns, economische politierechter, in tegenwoordigheid van
mr. Demmers, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 22 december 2008.