ECLI:NL:RBZUT:2008:BF7634
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Gilhuis
- Van der Mei
- Van de Wetering
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vergoeding kosten rechtsbijstand na aanvaarding transactie
Op 19 mei 2000 is een gerechtelijk vooronderzoek tegen verzoeker geopend. In 2007 bood de officier van justitie een transactie aan, die verzoeker accepteerde door betaling van €7.500, waardoor de strafzaak werd beëindigd zonder rechterlijke vaststelling van schuld.
Verzoeker vorderde vergoeding van kosten rechtsbijstand op grond van artikel 591a Sv, stellende dat de zaak niet eindigde met strafoplegging en dat er billijkheidsggronden zijn voor vergoeding. De officier van justitie betwistte ontvankelijkheid en stelde dat aanvaarding transactie gelijkstaat aan strafoplegging, en dat vergoeding onbillijk is.
De rechtbank oordeelde dat een transactie niet gelijkstaat aan een straf of maatregel en dat verzoeker ontvankelijk is. Echter, gelet op de vrijwillige acceptatie van de transactie en de gemaakte afspraken dat verzoeker zijn eigen kosten draagt, achtte de rechtbank het niet billijk een vergoeding toe te kennen.
Daarom werd het verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand afgewezen. De uitspraak werd gedaan door drie rechters op 10 oktober 2008.
Uitkomst: Verzoek om vergoeding van kosten rechtsbijstand na aanvaarding transactie wordt afgewezen wegens ontbreken van billijkheid.