ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9591
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Gilhuis
- Kleinrensink
- Hödl
- Rechtspraak.nl
Poging tot doodslag met messen onder invloed van alcohol en medicijnen
Verdachte heeft in de periode van 21 tot en met 29 april 2007 in Winterswijk meerdere keren met messen naar haar toenmalige echtgenoot gegooid, waarbij hij in zijn onderarm werd geraakt. Getuigen bevestigden dat verdachte met messen gooide, ondanks een afwijkende verklaring van een getuige die sprak over een messenblok. De rechtbank oordeelde dat verdachte ten minste voorwaardelijk opzet had, ondanks dat zij zich het incident niet herinnert, mede door haar gebruik van alcohol en medicijnen en haar emotionele toestand.
De tenlastelegging van bedreiging werd niet bewezen verklaard vanwege onvoldoende bewijs. Verdachte werd verminderd toerekeningsvatbaar geacht op grond van een gemengde persoonlijkheidsstoornis en het gebruik van middelen. De kans op recidive werd als laag ingeschat vanwege het verbreken van contact met het slachtoffer en haar omgeving.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van zes maanden, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een werkstraf van 120 uur. Er werd geen verplicht reclasseringscontact opgelegd omdat de reclassering dit niet noodzakelijk achtte. De straf houdt rekening met de ernst van het delict, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en haar bereidheid tot behandeling.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden en een werkstraf van 120 uur wegens poging tot doodslag.