ECLI:NL:RBZUT:2008:BD7177
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- R.M.A.G. van Valderen
- D. Vergunst
- Rechtspraak.nl
Huurovereenkomst woonruimte niet geëindigd ondanks huuropzegging huurder
De huurder huurt sinds 1994 een woning en heeft de huurovereenkomst per 1 november 2007 opgezegd, maar de woning niet ontruimd. Vervolgens heeft de huurder de huuropzegging geannuleerd vanwege privéomstandigheden en is zij in de woning gebleven. De verhuursters hebben de huurder gesommeerd te vertrekken, maar de huurder heeft hieraan geen gevolg gegeven.
De rechtbank stelt vast dat de huurder geen ondubbelzinnige en consistente gedragslijn heeft gevolgd met betrekking tot haar verhuiswens. De verhuursters mochten daarom niet gerechtvaardigd vertrouwen op de beëindiging van de huurovereenkomst. Ook het feit dat de huurder haar inboedel tijdelijk heeft verplaatst maar daarna terugkeerde, bevestigt dit.
Daarnaast is het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat de verhuursters de huurder aan de huuropzegging houden, gezien het ontbreken van nadeel voor de verhuursters, de goede betalings- en bewoningsgeschiedenis van de huurder en het belang van de huurder en haar minderjarige dochters bij continuering van het huurcontract.
De vorderingen van de verhuursters tot ontruiming en gebruiksvergoeding worden daarom afgewezen. De verhuursters worden veroordeeld in de proceskosten ten laste van hen.
Uitkomst: De vorderingen tot ontruiming en gebruiksvergoeding worden afgewezen omdat de huurovereenkomst niet is geëindigd.