ECLI:NL:RBZUT:2008:BC8800
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtsgeldigheid en garantiekarakter van pensioenverzekeringsovereenkomsten tussen Washington en Achmea
De curator van het faillissement van Washington International B.V. vordert dat Achmea wordt veroordeeld tot betaling van diverse bedragen en vernietiging van bepalingen in pensioenverzekeringsovereenkomsten wegens strijd met de Pensioen- en Spaarfondsenwet (PSW) en dwaling. Washington sloot vanaf 1979 meerdere pensioenverzekerings- en beleggingsovereenkomsten met Achmea, waarbij vanaf 1984 sprake was van groepspensioenverzekeringen binnen een gesepareerd beleggingsdepot (GBD).
De curator stelt dat Achmea onrechtmatig achteraf betalingen heeft bedongen voor het premievrij handhaven van opgebouwde pensioenaanspraken, wat volgens hem in strijd is met het garantiekarakter van de PSW. Achmea betwist dit en voert aan dat de afspraken over aanwending van vrije ruimte binnen het GBD en de vorming van voorzieningen voor herziening van tariefgrondslagen contractueel overeengekomen zijn en niet leiden tot aanvullende premiebetalingen door Washington.
De rechtbank overweegt uitgebreid dat het garantiekarakter van de PSW inhoudt dat opgebouwde pensioenaanspraken verzekerd moeten blijven volgens de geldende grondslagen, maar dat dit niet uitsluit dat partijen afspraken maken over het gebruik van vrije ruimte binnen het GBD. De curator heeft onvoldoende onderbouwd dat de bepalingen nietig zijn of dat sprake is van onverschuldigde betaling. Ook het beroep op dwaling strandt omdat Washington zich heeft laten adviseren en de interpretatie van de PSW door de curator niet wordt gevolgd.
De rechtbank wijst de vorderingen van de curator af en veroordeelt hem in de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat pensioenverzekeraars binnen de PSW contractuele vrijheid hebben om afspraken te maken over de aanwending van vrije ruimte en voorzieningen, mits de opgebouwde pensioenaanspraken gegarandeerd blijven.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de curator af en bevestigt dat Achmea niet in strijd heeft gehandeld met de Pensioen- en Spaarfondsenwet.