ECLI:NL:RBZUT:2008:BC7505
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Wetering
- Van Harreveld
- Vaandrager
- Rechtspraak.nl
Veroordeling veehouder voor milieu- en dierenwelzijnsdelicten met voorwaardelijke straf
De rechtbank Zutphen heeft op 25 maart 2008 een veehouder veroordeeld voor meerdere overtredingen van milieuwetgeving en dierenwelzijnsregels. De verdachte had onder meer dode kalveren niet ter destructie aangeboden, vaste mest niet op een mestdichte mestplaat opgeslagen, en asbesthoudend materiaal en mestverontreiniging op het terrein laten liggen. Ook werden runderen niet correct geregistreerd en was er sprake van het illegaal lozen van gier in oppervlaktewater.
De rechtbank achtte de feiten wettig en overtuigend bewezen op basis van bekennende verklaringen, proces-verbalen, foto’s en deskundigenverklaringen. Een specifiek ten laste gelegd feit over het onthouden van verzorging aan paarden werd vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs.
De verdachte kreeg een werkstraf van 100 uur (voorwaardelijk), een geldboete van €5.000 waarvan de helft voorwaardelijk, en een voorwaardelijke stillegging van de onderneming voor één maand. De straf is mede gebaseerd op de ernst van de milieuschade en het risico voor de veestapel, maar ook op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder financiële problemen en recente contracten die verbetering van de bedrijfsvoering beogen.
De rechtbank wees een vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke geldboete af. De opgelegde straf kent een proeftijd van twee jaar waarin bij nieuwe strafbare feiten de voorwaardelijke straffen ten uitvoer kunnen worden gelegd.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 100 uur, een deels voorwaardelijke geldboete van €5.000 en een voorwaardelijke stillegging van de onderneming voor één maand.