ECLI:NL:RBZUT:2007:BC9301
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen werkgever WIA
Een werknemer viel uit met rechterpolsklachten en vroeg op 14 september 2006 een WIA-uitkering aan. Het UWV verlengde de loondoorbetalingsperiode met 52 weken omdat de werkgever onvoldoende re-integratie-inspanningen had verricht zonder daarvoor deugdelijke grond te hebben. De werkgever ging hiertegen in beroep.
De rechtbank oordeelde dat het beleid van het UWV binnen redelijke beleidskaders valt en dat de loonsanctie een inspanningsverplichting betreft, geen resultaatsverplichting. Uit het re-integratieverslag bleek dat de werkgever onvoldoende had geprobeerd de werknemer bij een andere werkgever te plaatsen, terwijl de werknemer wel arbeidsmogelijkheden had.
De rechtbank verwierp het betoog dat de loonsanctie een strafrechtelijke sanctie zou zijn en bevestigde dat het een herstelgerichte maatregel betreft. Ook was het volgens de rechtbank niet onredelijk dat de sanctie de maximale duur van 52 weken had. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep van de werkgever tegen de loonsanctie van 52 weken wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen is ongegrond verklaard.