ECLI:NL:RBZUT:2007:AZ7312
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Hoorn
- Borgerhoff Mulder
- Elders
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens betrokkenheid bij handel in cocaïne in Zutphen
De rechtbank Zutphen heeft verdachte veroordeeld voor het medeplegen van handelen in strijd met de Opiumwet, specifiek de handel in cocaïne, gepleegd in de periode van 1 november 2005 tot en met 4 oktober 2006 in Zutphen.
Het bewijs bestond uit belastende verklaringen van meerdere getuigen en medeverdachten, alsmede afgeluisterde telefoongesprekken waarin verdachte betrokkenheid bij de handel werd bevestigd. Verdachte gaf wisselende verklaringen over zijn betrokkenheid en periode van handelen, maar de rechtbank achtte bewezen dat hij vanaf november 2005 actief was.
De rechtbank oordeelde dat verdachte een organiserende rol had binnen de handel en niet slechts een gebruiker was. Op grond van de ernst van het misdrijf, de omvang van de handel en het gevaar voor de volksgezondheid legde de rechtbank een gevangenisstraf van 18 maanden op, waarbij de tijd in voorarrest in mindering werd gebracht.
Daarnaast werden in beslag genomen voorwerpen, waaronder een telefoon en geld, verbeurd verklaard en andere voorwerpen onttrokken aan het verkeer vanwege hun verband met het misdrijf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf voor medeplegen van handel in cocaïne.