ECLI:NL:RBZUT:2006:BA1078
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bindend adviesregeling leidt tot niet-ontvankelijkheid verzoek tot wraking arbiter
De zaak betreft een geschil tussen Netterden Holding BV en Rijnstrangen over de bestuursvoering van Wezendonk Holding BV. Partijen hadden in 1992 een overeenkomst gesloten met een bindend adviesregeling voor geschillen bij staking van stemmen. In 2006 sloten zij een aanvullende overeenkomst waarin werd bevestigd dat geschillen via bindend advies zouden worden beslecht.
Netterden verzocht de wraking van de bindend adviseur, die tevens als arbiter was aangewezen, op grond van vermeende partijdigheid en belangenverstrengeling. De bindend adviseur zou tevens als juridisch adviseur van Rijnstrangen optreden, wat volgens Netterden onverenigbaar is.
De rechtbank oordeelt dat partijen een bindend adviesregeling zijn overeengekomen en niet hebben gekozen voor arbitrage. De term 'arbiters' in de overeenkomst is slechts een toelichtende uitdrukking en geen aanwijzing voor arbitrage. Hierdoor is het verzoek tot wraking niet ontvankelijk. Netterden wordt veroordeeld in de proceskosten van de tegenpartij.
Uitkomst: Verzoek tot wraking van bindend adviseur wordt niet-ontvankelijk verklaard.