ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ3378
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Hoorn
- Elders
- Hemrica
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na veroordeling verduistering
De rechtbank Zutphen heeft op 29 november 2006 uitspraak gedaan in een zaak waarbij veroordeelde was veroordeeld voor meervoudige verduistering. De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, aanvankelijk gesteld op €38.908,57 en later verminderd tot €31.839,88.
De rechtbank heeft het voordeel geschat op €17.500, rekening houdend met verklaringen van de veroordeelde over de herkomst van het goud, dat grotendeels afkomstig was van het terugwinnen van goud uit sheets, en slechts een klein deel uit handel in sieraden. Kosten van €5.000 werden in mindering gebracht, verdeeld over veroordeelde en medeveroordeelde.
De rechtbank oordeelde dat het te betalen bedrag niet lager wordt vastgesteld vanwege de geringe draagkracht van veroordeelde, omdat toekomstige draagkracht bij latere beslissingen kan worden meegewogen. Bij niet-betaling kan lijfsdwang worden toegepast tot maximaal drie jaar.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Zutphen, waarbij ook de officier van justitie, veroordeelde en zijn raadsman aanwezig waren.
Uitkomst: Veroordeelde moet €17.500 betalen aan wederrechtelijk verkregen voordeel met mogelijkheid tot lijfsdwang bij niet-betaling.