ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ0116
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Hoorn
- Vaandrager
- Schmitz
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzetheling van goudafval tot werkstraf van 240 uren
De rechtbank Zutphen heeft verdachte veroordeeld voor het meermalen verwerven, voorhanden hebben, overdragen en verkopen van goudklompjes en platina waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze door misdrijf waren verkregen. Dit betrof een periode van 1 mei 2000 tot en met 1 mei 2003 in de gemeenten Brummen en Amsterdam.
Verdachte voerde aan dat hij pas vanaf 2003 vermoedde dat het goud afkomstig was van diefstal, maar de rechtbank verwierp dit verweer op basis van verklaringen van verdachte zelf en een getuige die stelde dat verdachte wist dat het goud uit illegale bron kwam. De rechtbank achtte het wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk heeft deelgenomen aan de heling.
De rechtbank legde een werkstraf van 240 uren op, met een vervangende hechtenis van 120 dagen indien deze niet wordt verricht. Daarnaast werd een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden opgelegd met een proeftijd van 2 jaar. De straf is mede gebaseerd op het feit dat verdachte meerdere malen veroordeeld is voor vermogensdelicten en met de verkoop van het goud een aanzienlijk bedrag heeft verdiend.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 240 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden.