ECLI:NL:RBZUT:2006:AX9604
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gemeente slaagt in bewijs permanente bewoning recreatiewoning ondanks verzet
De zaak betreft een verzetprocedure van eiser tegen een dwangbevel van de gemeente Lochem vanwege vermeende permanente bewoning van een recreatiewoning. De gemeente voerde bewijs aan op basis van energie- en waterverbruikscijfers, getuigenverklaringen en controleverslagen.
De rechtbank nam het tussenvonnis van 6 juli 2005 over en beoordeelde aanvullend het bewijs. Uit de verbruiksgegevens bleek dat het gas- en elektriciteitsverbruik in 2003 vrijwel gelijk bleef aan dat van 2002, wat niet strookt met de stelling van eiser dat hij medio februari 2003 het permanente gebruik had gestaakt. Getuigenverklaringen en observaties van toezichthouders ondersteunden dit beeld, waarbij ook het frequente verplaatsen van de auto van eiser op het park werd genoemd.
De verklaringen van eiser en zijn getuigen bleken op belangrijke punten tegenstrijdig en onvoldoende om het bewijs van de gemeente te ontzenuwen. Eiser had ook geen bevredigende verklaring voor het gelijkblijvende energieverbruik en het feit dat hij bankafschriften en zijn pc nog op het adres van de recreatiewoning had.
De rechtbank concludeerde dat de gemeente geslaagd is in haar bewijsopdracht dat eiser gedurende de relevante periode zijn hoofdverblijf had in de recreatiewoning. Het verzet werd slechts gedeeltelijk gegrond verklaard voor zover het gaat om invorderingskosten boven een bepaald bedrag. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzet wordt slechts gedeeltelijk gegrond verklaard en het dwangbevel blijft grotendeels in stand.