ECLI:NL:RBZUT:2006:AV9122
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor illegale tewerkstelling vreemdeling zonder vergunning
Op 18 januari 2005 werd bij Pluimveeslachterij G.P. Remkes B.V. een controle uitgevoerd waarbij een vreemdeling werd aangetroffen die zonder geldige tewerkstellingsvergunning arbeid verrichtte. De vreemdeling gebruikte een verblijfsdocument dat niet voor hem was afgegeven. De werkgever kreeg een bestuurlijke boete van €8.000 opgelegd wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De werkgever voerde aan dat zij niet wist dat de vreemdeling illegaal werkte, omdat deze zich met een ogenschijnlijk geldig verblijfsdocument had geïdentificeerd. De rechtbank oordeelde dat de werkgever had moeten opmerken dat het identiteitsbewijs niet overeenkwam met de vreemdeling en dat de overtreding verwijtbaar was.
De rechtbank stelde vast dat de boete conform de beleidsregels was vastgesteld en niet onevenredig hoog was. De stelling dat het uitzendbureau en de werkgever niet beide voor het volledige boetebedrag konden worden beboet, werd verworpen omdat beide als werkgevers in de zin van de Wav worden aangemerkt.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €8.000 wegens illegale tewerkstelling wordt ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.