ECLI:NL:RBZUT:2006:AV7693
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijkheid wettelijke rente bij ontbinding maatschap en verdeling vermogen
In deze zaak staat centraal welke rente van toepassing is op de vergoedingsverplichtingen voortvloeiend uit een vaststellingsovereenkomst waarbij maatschapsovereenkomsten met terugwerkende kracht zijn ontbonden en het vermogen en de schulden van de ontbonden maatschappen zijn verdeeld.
Bax vordert betaling van bedragen vermeerderd met wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW, stellende dat de vaststellingsovereenkomst als handelsovereenkomst moet worden aangemerkt. De gedaagden betwisten dit en stellen dat de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW Pro van toepassing is omdat het geen handelsovereenkomst betreft en er geen levering van goederen of diensten plaatsvindt.
De rechtbank stelt vast dat de vaststellingsovereenkomst gericht is op beëindiging van samenwerking en verdeling van gemeenschappelijk vermogen, niet op een zelfstandige economische activiteit. De overeenkomst is geen handelsovereenkomst in de zin van artikel 6:119a BW, mede omdat geen facturen zijn uitgereikt en er geen sprake is van een levering of dienst.
De rechtbank wijst de vorderingen van Bax af en oordeelt dat de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW Pro van toepassing is. Tevens wordt een verrekening toegestaan van een teveel betaalde rente door een van de gedaagden. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Bax af en bepaalt dat de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW van toepassing is.