ECLI:NL:RBZUT:2005:AZ0518
Rechtbank Zutphen
- Voorlopige voorziening
- K. van Duyvendijk
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen vergunning opening graf voor DNA-onderzoek
Verzoekster, weduwe en rechthebbende op het graf van de overledene, maakt bezwaar tegen een door de burgemeester verleende vergunning voor het openen van het graf ten behoeve van DNA-onderzoek. Deze vergunning is verleend naar aanleiding van een gerechtelijke beschikking van de rechtbank Arnhem die DNA-onderzoek op het stoffelijk overschot bevolen heeft in het kader van een vaderschapsprocedure.
De voorzieningenrechter onderzoekt of onverwijlde spoed een voorlopige voorziening vereist en constateert dat het bestreden besluit mogelijk niet standhoudt in de bodemprocedure, omdat de vereiste toestemming van de rechthebbende op het graf niet expliciet door de civiele rechter is vervangen. De vergunning is verleend zonder uitdrukkelijke toestemming van verzoekster, hetgeen volgens de wetsgeschiedenis en jurisprudentie een noodzakelijke voorwaarde is.
Daarom wordt het bestreden besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekster. De uitspraak benadrukt het belang van expliciete toestemming of rechterlijke vervanging daarvan bij ingrijpende maatregelen zoals grafopening.
Uitkomst: De vergunning voor het openen van het graf wordt geschorst en de gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.