ECLI:NL:RBZUT:2005:AS6268
Rechtbank Zutphen
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Schorsing handhaving dwangsom verwijdering stacaravan en berging wegens onevenredigheid
Eisers, de erven van een perceeleigenaar te Utrecht, werden door de gemeente Aalten verplicht een stacaravan en een berging te verwijderen van een perceel dat volgens het bestemmingsplan bestemd is als bos. De stacaravan was in 2000 geheel vernieuwd zonder bouwvergunning, waardoor handhaving op grond van de Woningwet gerechtvaardigd was. Eisers voerden aan dat de berging al sinds 1962 aanwezig was en slechts onderhoud had ondergaan, waardoor het bouwovergangsrecht daarop van toepassing zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat het bestuursorgaan de motivering voor het handhavingsbesluit onvoldoende had onderbouwd, met name ten aanzien van de berging. Daarnaast werd overwogen dat het perceel onder een voorkeursrecht valt voor industriële uitbreiding, maar dat er nog geen concreet zicht is op realisering daarvan. Hierdoor zou handhaving in deze situatie onevenredig zijn in verhouding tot de belangen van eisers.
De rechtbank schorst het handhavingsbesluit tot zes weken na de nieuwe beslissing op bezwaar en veroordeelt de gemeente tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd.
Uitkomst: Het handhavingsbesluit tot verwijdering van stacaravan en berging wordt geschorst en vernietigd wegens onvoldoende motivering en onevenredigheid.