ECLI:NL:RBZUT:2003:AJ3566
Rechtbank Zutphen
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen last tot beëindiging woongebruik en verwijdering voorzieningen zonder bouwvergunning
Verzoeker 1 is eigenaar van een pand dat zonder bouwvergunning is aangepast met een wc, bad en keuken, waardoor het pand als woning wordt gebruikt. Verzoeker 2 bewoont het pand en exploiteerde er een smartshop die op last van de gemeente werd gesloten.
De gemeente heeft beide verzoekers gelast het woongebruik te staken en de voorzieningen te verwijderen onder dwangsom. Verzoekers stelden dat de last onterecht was, onder meer op grond van het vertrouwensbeginsel vanwege eerdere inschrijvingen in de gemeentelijke basisadministratie.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het gebruik van het pand als woning en de voorzieningen in strijd zijn met het bestemmingsplan en het Bouwbesluit, en dat geen sprake is van een bijzonder geval dat handhavend optreden zou moeten voorkomen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat de gemeente niet eerder kennis had van de illegale situatie.
De verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat de besluiten naar voorlopig oordeel stand zullen houden en er geen spoedeisend belang is voor schorsing.
Uitkomst: De rechtbank wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af en bevestigt de last tot beëindiging van het woongebruik en verwijdering van de voorzieningen.