ECLI:NL:RBZUT:2003:AF4358
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.M. Boon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing pensioenverrekening na echtscheiding wegens onredelijkheid en billijkheid
Partijen zijn in 1957 gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met gemeenschap van inboedel en vruchten en inkomsten. In 1983 is het huwelijk ontbonden door echtscheiding. De man ontving vanaf zijn 65e pensioen van het ABP en betaalde alimentatie aan de vrouw tot 1 januari 2000. De vrouw vordert pensioenverrekening over de tijdens het huwelijk opgebouwde pensioenrechten van de man, vermeerderd met rente en indexeringen.
De man voert verweren aan, waaronder verjaring, onredelijkheid en dat pensioenverrekening niet van toepassing is op hun beperkte gemeenschap. De rechtbank oordeelt dat de vordering niet verjaard is en dat de pensioenrechten tot de gemeenschap van vruchten en inkomsten behoren, conform het pensioenarrest van 1981.
Echter, gelet op het lange tijdsverloop, de leeftijd en financiële positie van partijen, acht de rechtbank toewijzing onredelijk en in strijd met redelijkheid en billijkheid. De vrouw heeft immers jarenlang geen aanspraak gemaakt en beschikt over een beter vermogenspositie dan de man. De vordering wordt daarom afgewezen en de proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot pensioenverrekening af wegens strijd met redelijkheid en billijkheid.