ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3299
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M.H. van Staveren
- S.A.M. Vrendenbarg-Elsbeek
- M.C.J. Heessels
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering leden coöperatie tegen accountant wegens ontbreken specifieke zorgplicht
De zaak betreft vorderingen van Sobi en (ex-)leden van de coöperatie Heino Krause tegen de maatschap Moret Ernst & Young Registeraccountants en individuele registeraccountants. Zij stellen dat de accountant tekort is geschoten in zijn controlerende en adviserende taken, waardoor de leden schade hebben geleden door misleidende jaarrekeningen en een nadelige fusie.
De rechtbank stelt vast dat Sobi als gemachtigde van de leden optreedt, maar dat volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad alleen de coöperatie als rechtspersoon zelf een vordering kan instellen jegens derden die haar schade toebrengen. Leden kunnen niet zelfstandig schadevergoeding vorderen tenzij er sprake is van een specifieke jegens hen geldende zorgplicht van de accountant.
Sobi heeft twee specifieke zorgvuldigheidsnormen geformuleerd, maar de rechtbank oordeelt dat deze niet aannemelijk zijn gemaakt. De accountant was contractueel verplicht jegens de coöperatie te handelen en het enkele feit dat leden nadeel ondervinden van tekortkomingen jegens de coöperatie rechtvaardigt geen eigen vorderingsrecht jegens de accountant.
Ook het beroep op de zorgvuldigheidsnorm uit het Erba-arrest faalt, omdat de positie van leden van een coöperatie niet vergelijkbaar is met die van crediteuren. De rechtbank verklaart Sobi niet-ontvankelijk in haar vorderingen en veroordeelt haar in de proceskosten.
Uitkomst: Sobi en de leden worden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen tegen de accountant wegens het ontbreken van een specifieke zorgplicht jegens de leden.