ECLI:NL:RBZUT:1998:AA3424
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Schorsing van besluiten over bezwaar tegen oordeel bedrijfsarts en tijdelijke tewerkstelling ambtenaar
Verzoekster, sinds 1987 in dienst van de gemeente Apeldoorn, werd op 17 juni 1998 ziekgemeld. Op 23 juli 1998 werd zij op grond van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling (CAR) overgeplaatst naar een andere functie binnen de Stadsbank. De bedrijfsarts verklaarde haar op 7 september 1998 nog situationeel arbeidsongeschikt. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit oordeel, maar dit bezwaar werd op 29 oktober 1998 niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet binnen de gestelde termijn van 3 x 24 uur was ingediend.
De rechtbank overweegt dat het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring een besluit is dat de ambtenaar rechtstreeks in zijn belang treft en dat verzoekster niet kan worden verweten dat zij het bezwaar niet tijdig indiende vanwege onduidelijke communicatie van de bedrijfsarts. Daarom wordt dit besluit geschorst. Ook het besluit van 29 oktober 1998 tot tijdelijke tewerkstelling wordt geschorst omdat het in strijd is met artikel 7:14:9, vijfde lid, van de CAR.
Het verzoek tot schorsing van het besluit van 23 juli 1998 wordt afgewezen omdat daarvoor geen spoedeisend belang bestaat. De rechtbank veroordeelt de gemeente Apeldoorn tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht aan verzoekster.
Uitkomst: De rechtbank schorst de besluiten van 29 oktober 1998 en veroordeelt de gemeente Apeldoorn tot vergoeding van proceskosten.