ECLI:NL:RBZLY:2012:BY3262
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzekeraar niet gehouden tot dekking bij opzettelijke brandstichting ondanks verminderde toerekeningsvatbaarheid
De zaak betreft een verzekerde die strafrechtelijk is veroordeeld voor twee brandstichtingen en vervolgens door zijn aansprakelijkheidsverzekeraar Achmea werd geweigerd dekking te verlenen op grond van de opzetclausule in de polis. De verzekerde stelde dat zijn psychische stoornissen, waaronder een autismespectrumstoornis en een vitaal depressief beeld, hem verminderd toerekeningsvatbaar maakten, waardoor geen sprake zou zijn van opzet.
De rechtbank stelde vast dat de verzekerde inderdaad verminderd toerekeningsvatbaar was, maar dat dit niet betekent dat hij niet opzettelijk heeft gehandeld. De opzetclausule richt zich op het gedrag zelf en niet op het gevolg daarvan. Uit de psychiatrische rapportages bleek dat de verzekerde bewust handelde om zijn zin door te drijven, zonder zich te realiseren wat de gevolgen waren, wat duidt op opzet in de zin van de polis.
De rechtbank verwierp het beroep van de verzekerde op de opzetclausule en oordeelde dat Achmea terecht geen dekking verleent. Ook het verweer dat de melding van de schade te laat was en daardoor de belangen van Achmea zijn geschaad, behoefde geen bespreking meer. De vorderingen van de verzekerde werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de verzekerde af en bevestigt dat de verzekeraar terecht geen dekking verleent wegens opzettelijke brandstichting.