ECLI:NL:RBZLY:2012:BY2840

Rechtbank Zwolle-Lelystad

Datum uitspraak
7 november 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
2012 / W 011
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na eindvonnis in civiele bodemzaak

Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen kantonrechter De Vries in een civiele bodemzaak waarin hij bij vonnis veroordeeld werd tot betaling aan zijn voormalige advocaat.

De rechtbank oordeelt dat wraking niet mogelijk is nadat een eindvonnis is gewezen, omdat wraking bedoeld is om te voorkomen dat een rechter verder kennisneemt van een zaak. Wraking is geen middel om hoger beroep te plegen.

Omdat verzoeker geen hoger beroep heeft ingesteld en de zaak definitief is afgesloten, wordt het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard. De beschikking is in het openbaar uitgesproken en hiertegen staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Wrakingsverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat wraking na een eindvonnis niet mogelijk is.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD
Wrakingskamer
Locatie Lelystad
zaaknummer: 2012 / W 011
Beschikking van 7 november 2012
in de zaak van
[verzoeker],
wonende te [plaats],
verzoeker,
in persoon.
tegen
MR. W.M. DE VRIES,
in haar hoedanigheid van rechter van deze rechtbank,
werkzaam bij de sector kanton, locatie Lelystad.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het wrakingsverzoek, ingediend bij fax van 17 september 2012, met producties;
- het bij e-mail van 8 oktober 2012 gevoerde verweer van mr. De Vries;
- de mondelinge behandeling op 25 oktober 2012, waarbij verzoeker is verschenen en pleitaantekeningen heeft overgelegd.
1.2. Ten slotte is de beslissing bepaald op heden.
2. Het wrakingsverzoek en de beoordeling
2.1. Het verzoek tot wraking is gericht tegen mr. De Vries als kantonrechter in deze rechtbank in de bodemzaak met nummer 592468 CV 12-1697.
2.2. In voormelde bodemzaak heeft mr. De Vries bij vonnis van 20 juni 2012 verzoeker veroordeeld tot betaling aan zijn voormalige advocaat mr. [advocaat] van een bedrag van € 2.058,60, vermeerderd met rente en kosten.
2.3. Tegen dit eindvonnis heeft verzoeker geen hoger beroep ingesteld.
2.4. In het wrakingsverzoek van 17 september 2012 heeft verzoeker geconcludeerd tot vernietiging van het vonnis van 20 juni 2012 en tot veroordeling van mr. [advocaat] tot betaling van een in het wrakingsverzoek nader omschreven schadevergoeding.
2.5. De wet voorziet niet in de mogelijkheid om, wanneer de behandeling van de zaak is geëindigd door het wijzen van een einduitspraak, wraking te verzoeken van de rechter die deze uitspraak heeft gedaan. Doel van een wraking is immers te beletten dat de gewraakte rechter verder van de zaak kennis neemt en in de zaak beslist. Wraking is geen (verkapt) hoger beroep.
2.6. Nu de behandeling van de onder r.o. 2.1. bedoelde zaak reeds is geëindigd door het wijzen van een einduitspraak, dient verzoeker in zijn wrakingsverzoek niet-ontvankelijk te worden verklaard.
3. De beslissing
De rechtbank
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.A.O.M. van Aerde, mr. C.A. Peterzon en mr. A.E. The-Kouwenhoven en in het openbaar uitgesproken op 7 november 2012.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.