ECLI:NL:RBZLY:2012:BX8550
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken van bewijs voor gevaarlijke werksituatie bij kaststelling
Op 31 maart 2009 vond een ongeval plaats in de loods van verdachte, waarbij een werknemer, het slachtoffer, om het leven kwam. Het slachtoffer voerde werkzaamheden uit aan een kaststelling waarbij een gat in de vloer en een houten balk moest worden gemaakt. Tijdens deze werkzaamheden vielen dertien deuren om en raakten het slachtoffer.
De officier van justitie stelde dat verdachte als werkgever onvoldoende maatregelen had genomen om het gevaar te voorkomen, in strijd met artikel 3.17 van het Arbeidsomstandighedenbesluit. De verdediging betoogde dat de kaststelling stabiel was en dat het omvallen van de deuren alleen door een externe impuls kon worden veroorzaakt, waarvan verdachte niet op de hoogte was.
Het Nederlands Forensisch Instituut concludeerde dat de kaststelling in principe stabiel was en dat de uitgevoerde werkzaamheden nauwelijks invloed hadden op de stabiliteit. De rechtbank volgde deze conclusies en oordeelde dat niet bewezen kon worden dat verdachte wist of had kunnen weten van het gevaar.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde, omdat het wettig en overtuigend bewijs ontbrak dat verdachte een gevaarlijke situatie had gecreëerd of had moeten voorzien.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat niet bewezen is dat zij wist of moest weten dat de werkzaamheden levensgevaar opleverden.