ECLI:NL:RBZLY:2012:BV7872
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens verlopen paspoort niet gerechtvaardigd
Eiser, een Italiaans staatsburger, ontving sinds 2009 een bijstandsuitkering. Verweerder trok deze uitkering in per 11 februari 2011 vanwege het verlopen van het Italiaanse paspoort van eiser. Verweerder stelde dat eiser niet langer rechtmatig in Nederland verbleef en daarom niet gelijkgesteld kon worden met een Nederlander volgens artikel 11, tweede lid, WWB.
De rechtbank oordeelde dat het rechtmatige verblijf van eiser voortvloeit uit het Unierecht en niet afhankelijk is van de geldigheid van het paspoort. De verlenging van het paspoort is niet vereist voor het verblijfsrecht van een EU-burger. Bovendien is het beroep op sociale bijstand geen reden om het verblijfsrecht te beëindigen volgens artikel 14, derde lid, van de Richtlijn 2004/38/EG.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet viel onder de uitzonderingen in artikel 24, tweede lid, van de Richtlijn en dat hij derhalve recht had op bijstand gelijkgesteld met een Nederlander. Het besluit tot intrekking werd vernietigd en de eerdere besluiten herroepen. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering is vernietigd omdat eiser rechtmatig verbleef en gelijkgesteld moest worden met een Nederlander.