ECLI:NL:RBZLY:2012:BV0938
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling handelsvergunning Oralgen Pollen en weigering terug te komen op besluit
Artu Biologicals Europe B.V. verzocht het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) om terug te komen op het besluit van 1 februari 2007 waarbij de registratie van het geneesmiddel Oralgen Pollen werd afgewezen. Na meerdere besluiten en bezwaarprocedures bleef het CBG bij haar standpunt dat uit de beschikbare studies onvoldoende werkzaamheid van het middel bleek.
De rechtbank toetste het besluit van 4 april 2011 waarbij het CBG het bezwaar ongegrond verklaarde. Zij oordeelde dat het CBG binnen haar ruime beoordelingsvrijheid en op juiste gronden heeft geoordeeld dat de aangeleverde studies, waaronder AB0801, AB0602 en AB0602/1, onvoldoende bewijs leverden voor de therapeutische werking van Oralgen Pollen. Het CBG hoefde niet te wachten op afronding van lopende studies en mocht gemotiveerd afwijken van internationale criteria.
De rechtbank vond geen sprake van schending van het zorgvuldigheidsbeginsel of partijdigheid en oordeelde dat het CBG de relevante feiten en omstandigheden voldoende heeft betrokken. Ook het gelijkheidsbeginsel werd niet geschonden. Het beroep van eiseres is daarom ongegrond verklaard en het besluit van het CBG blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep van Artu Biologicals tegen het CBG is ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van registratie van Oralgen Pollen blijft in stand.