ECLI:NL:RBZLY:2011:BW1445
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter in bewindzaak
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. A, kantonrechter in een zaak betreffende het bewind over zijn dochter, en tevens tegen het bewindsbureau. De rechtbank verklaarde het wrakingsverzoek tegen het bewindsbureau niet-ontvankelijk omdat de wet wraking alleen tegen rechters toestaat.
Verzoeker stelde dat mr. A partijdig en vooringenomen was, onder meer door ongelijke behandeling, het niet serieus nemen van bezwaren, en het benoemen van een deskundige en provisioneel bewindvoerder die een zakelijke relatie met mr. A zouden hebben. De rechtbank vond echter geen concrete feiten die deze vrees voor partijdigheid objectief rechtvaardigen.
De rechtbank oordeelde dat mr. A zorgvuldig en objectief handelde, onder andere door het benoemen van een onafhankelijke deskundige psychiater. Ook de vermeende vertraging in de procedure was niet aan mr. A toe te rekenen. Daarnaast was er geen bewijs dat mr. A het contact tussen verzoeker en zijn dochter had belemmerd.
Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen, en verzoeker werd niet-ontvankelijk verklaard voor zover het verzoek zich richtte tegen het bewindsbureau. De beslissing werd uitgesproken door mr. C.H. de Haan, mr. F. Koster en mr. W.P.M. Elderman op 18 november 2011.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. A wordt afgewezen en het verzoek tegen het bewindsbureau is niet-ontvankelijk verklaard.