ECLI:NL:RBZLY:2011:BV6594
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige inbreuk op persoonlijke levenssfeer door persoonlijk onderzoek verzekeraar
De zaak betreft een geschil tussen eiser, betrokken bij een verkeersongeval in 1999, en verzekeraar Aegon over een persoonlijk onderzoek dat Aegon in 2001 zonder toestemming van eiser instelde. Eiser stelt dat dit onderzoek een ongerechtvaardigde inbreuk op zijn recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer vormt en dat Aegon handelde in strijd met de Gedragscode Persoonlijk Onderzoek en de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp).
Aegon voerde aan dat het onderzoek gerechtvaardigd was vanwege een melding van bedreiging door eiser aan een schaderegelaar en een hoge schadeclaim bij een geringe impact. De rechtbank oordeelde dat Aegon voldoende gronden had om het onderzoek te starten, maar dat zij naliet eiser vooraf te informeren en schriftelijke toestemming te vragen, zoals vereist door de gedragscode en artikel 34 Wbp Pro.
Voorts werd vastgesteld dat Aegon onwaarheid sprak over het onderzoek tegen eiser, wat onzorgvuldig was, maar geen schending van artikel 35 Wbp Pro opleverde. De rechtbank wees de vordering tot inzage af wegens gebrek aan nieuwe informatie. Eiser kreeg een schadevergoeding van €5.000 wegens immateriële schade door stress en onzorgvuldig handelen van Aegon. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Aegon is onrechtmatig jegens eiser door zonder toestemming persoonlijk onderzoek te doen en moet €5.000 schadevergoeding betalen.