ECLI:NL:RBZLY:2011:BU7827
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Loonvordering bij schijnconstructie en arbeidsongeschiktheid binnen scheepvaartbedrijf
Een scheepvaartbedrijf stelde een samenlevend stel aan: de man als 2e kapitein tegen €3.000 netto per maand en de vrouw als matroos tegen €2.000 netto per maand, hoewel zij feitelijk geen werkzaamheden verrichtte. Na arbeidsongeschiktheid van de man verlieten beiden het schip. Werkgever betaalde alleen ziekengeld aan de man op basis van het lagere loon.
De rechtbank oordeelde dat de arbeidsovereenkomst met de vrouw een schijnconstructie betrof, bedoeld om te voldoen aan bemanningsvoorschriften en financiële voordelen te behalen. De loonverdeling van €5.000 netto per maand was niet reëel verdeeld over de functies, waarbij de vrouw een te hoog bedrag kreeg zonder arbeid te verrichten.
Daarom werd de loonverdeling aangepast naar €4.500 netto voor de man en €500 netto als administratieve vergoeding voor de vrouw. De werkgever moest 70% van het bruto-equivalent van €4.500 netto doorbetalen aan de man bij arbeidsongeschiktheid. De vordering van de vrouw werd afgewezen omdat zij geen arbeidsovereenkomst had en niet ziek was.
De rechtbank wees de vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten af wegens onvoldoende onderbouwing en veroordeelde de werkgever in de proceskosten.
Uitkomst: Werkgever moet aan man een hoger ziekengeld betalen op basis van een aangepaste loonverdeling; vordering vrouw wordt afgewezen.