ECLI:NL:RBZLY:2011:BQ7065
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Wraking
- J.A.O.M. van Aerde
- M. Zomer
- J. van der Hulst
- Rechtspraak.nl
Wraking wegens schending van het recht op vrije advocaatkeuze in jeugdbeschermingszaak
In een zaak betreffende een verzoek tot voorlopige machtiging uithuisplaatsing van een minderjarige heeft de minderjarige expliciet aangegeven dat hij bijstand wenst van zijn eigen advocaat, mr. Hendrickx, die ook de moeder bijstaat. De rechtbank had echter mr. Wolting toegevoegd als advocaat van de minderjarige en weigerde mr. Hendrickx het woord te laten voeren.
Mr. Hendrickx verzocht daarop de wraking van de kinderrechter wegens schending van het recht op vrije advocaatkeuze en de schijn van partijdigheid. De rechtbank stelde vast dat de minderjarige zijn wil kon bepalen en dat het weigeren van de door hem gekozen advocaat een ernstige inbreuk vormt op zijn grondrecht.
Hoewel er geen aanwijzingen waren dat de rechter daadwerkelijk partijdig was, was de schijn van partijdigheid bij de minderjarige ontstaan. De rechtbank oordeelde dat de belangenverstrengeling die werd vermoed niet voldoende was om het recht op vrije advocaatkeuze te beperken.
Daarom werd het wrakingsverzoek gegrond verklaard en toegewezen. De beslissing werd in openbaar uitgesproken en is niet meer aan beroep onderhevig.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt toegewezen wegens schending van het recht op vrije advocaatkeuze en de daardoor ontstane schijn van partijdigheid.