ECLI:NL:RBZLY:2010:BL3716
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens onvoldoende disfunctioneren en onvoldoende onderbouwde bedrijfseconomische omstandigheden
In deze arbeidszaak verzocht de werkgever om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer wegens disfunctioneren en bedrijfseconomische omstandigheden. De werknemer was sinds medio juli 2009 niet meer werkzaam vanwege ziekte. De werkgever stelde dat de werknemer fouten had gemaakt bij inkoop en kortingspercentages en dat de financiële situatie van het bedrijf slecht was, waardoor ontslag noodzakelijk zou zijn.
De kantonrechter oordeelde dat het disfunctioneren onvoldoende was aangetoond. Er was wel enige kritiek in een functioneringsgesprek, maar geen wezenlijke tekortkomingen die ontbinding rechtvaardigen. De werknemer had de meeste kritiekpunten weerlegd en het enkele incident met het kortingspercentage kon niet tot ontbinding leiden.
Ook de bedrijfseconomische omstandigheden waren onvoldoende onderbouwd. Hoewel er sprake was van verliezen, ontbrak een concreet reorganisatieplan met duidelijke personeelsplannen en kostenbesparingen. De kantonrechter verwees naar de eisen van het UWV omtrent onderbouwing van ontslag op bedrijfseconomische gronden.
Daarom wees de kantonrechter het verzoek tot ontbinding af en veroordeelde de werkgever in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijk gemaakt disfunctioneren en onvoldoende onderbouwde bedrijfseconomische omstandigheden.