ECLI:NL:RBZLY:2009:BL0013
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.E. van den Steenhoven-Drion
- M.C.P. de Ridder
- G. Blomsma
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor mishandeling echtgenote en stiefkind met taakstraf en tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf
De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft op 5 oktober 2009 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd vervolgd voor mishandeling van zijn echtgenote en stiefkind. Op 19 oktober 2008 heeft verdachte zijn echtgenote met een mes in de bovenarm gestoken en zijn stiefzoon geschopt. Daarnaast heeft hij op 28 augustus 2008 zijn stiefzoon bij de nek vastgegrepen, waardoor deze letsel opliep.
De rechtbank achtte het primair ten laste gelegde feit van opzettelijk zwaar lichamelijk letsel niet bewezen, maar wel subsidiair mishandeling met het mes. De verklaringen van het slachtoffer en de verdachte zelf vormden het bewijs. Verdachte had de aanmerkelijke kans aanvaard dat zijn echtgenote door het mes letsel zou oplopen. Ook de mishandelingen aan het stiefkind werden wettig en overtuigend bewezen verklaard.
De officier van justitie eiste een werkstraf van 40 uur, subsidiair 20 dagen hechtenis, en een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken met een proeftijd van twee jaar. De rechtbank legde een hogere straf op: een taakstraf van 80 uur, waarvan 60 uur niet ten uitvoer wordt gelegd tenzij verdachte binnen twee jaar opnieuw een strafbaar feit pleegt. Tevens werd de tenuitvoerlegging gelast van een eerder opgelegde voorwaardelijke taakstraf uit 2007.
De rechtbank hield rekening met eerdere justitiële documentatie en rapporten van de reclassering. Het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven. De straf is passend geacht gezien de ernst van de feiten en de omstandigheden van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 80 uur en gelaste tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf.